De Telegraaf Vrouw interview over Society Service
Op 4 maart 2026 publiceerde De Telegraaf Vrouw een interview met Marike van der Velden over het twintigjarig jubileum van Society Service zowel in de print versie als online. In het artikel staat haar ondernemersverhaal centraal: van de start tijdens haar studententijd tot het opbouwen van een high class escortbureau in een branche die nog altijd met vooroordelen te maken heeft.
Onderstaand zijn de printversie en de online versie samengevoegd tot één geheel. Daardoor ontstaat een completer beeld van het interview, met zowel de redactionele context uit de krant als de extra passages uit de online publicatie. Het resultaat is een doorlopende tekst waarin ondernemerschap, stigma en de ontwikkeling van Society Service samenkomen.
‘Echt rijk word je hier niet van’
Marike van der Velde (42) ontdekte op haar 21e, tijdens haar studie bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit, dat werken voor een baas niets voor haar was. Samen met een vriendin startte ze een highclass escortbureau. Na anderhalf jaar kocht ze haar partner uit, en nu viert ze het twintigjarig jubileum van haar bedrijf Society Service.
Hoe kwam je destijds aan de vrouwen die voor je werkten?
„Wij wilden een advertentie plaatsen in het universiteitsblad, maar dat mocht niet en leidde tot een hoop commotie. Nog geen maand later belde de redactie dat ze er een artikel over ons wilden schrijven. Daarna stroomden de aanmeldingen binnen. Vandaag de dag krijg ik nog steeds maandelijks tussen de 500 en 1000 sollicitanten. Zelf heb ik ooit overwogen om als escort te werken. Maar ik kwam beter tot mijn recht aan de ondernemerskant. Ik denk ook dat het beter werkt als je als eigenaar niet de krenten uit de pap gaat halen. Dat zorgt alleen maar voor scheve gezichten.”
Wat versta jij onder ‘de krenten uit de pap’?
„Op dit moment zijn er twee vrouwen mee op een reis naar een eiland voor de kust van Maleisië. Dat zijn natuurlijk wel de leukste klussen.”
Wat vond je omgeving ervan dat je zo’n bureau begon?
„Toen ik mijn plannen presenteerde, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Maar verbieden konden ze het niet: ik woonde op mezelf en was financieel onafhankelijk. Ze waarschuwden me wel dat ik later nooit meer bij een grote organisatie zou kunnen werken, omdat het eenmaal vooroordelen oproept. Maar ik wist dat ik dit wilde doen en heb die keuze bewust gemaakt. Ik maakte mijn studie af en groeide mee met mijn onderneming. Ik kwam niet uit een ondernemersgezin, dus ik moest maar afwachten of ik het leuk vond én of ik het kon. Na een paar jaar wist ik zeker dat ik de branche interessant genoeg vond en dit echt wilde uitbouwen tot wat het nu is.”
Is er in die twintig jaar veel veranderd?
„Ik denk vooral op het gebied van consent en grensbewaking. Het consentbeleid dat wij hebben opgesteld, bestond vroeger nog niet. Wij werken daar nu heel duidelijk mee. Ik vind het onbegrijpelijk dat sommige concullega’s geen consentbeleid hanteren. Ik wil dat altijd glashelder is wat wij van onze klant verwachten. Daarnaast heb ik de afgelopen tien jaar sterk ingezet op het automatiseren van standaardprocessen. Ik wil geen telefoondienst inschakelen om klantgesprekken of herhaalwerk af te handelen. Mensen blijven een risico: je hebt te maken met klantgegevens en daarmee kun je mensen chantabel maken. Ik wilde die gegevens bij mezelf houden, wat betekende dat ik 24/7 aan het werk was. Nu is alles geautomatiseerd, waardoor ik mijn tijd veel efficiënter kan besteden. Ik manage alle boekingen, administratie, aanvragen en beschikbaarheid vanuit een systeem dat ik zelf heb laten ontwikkelen. Ik houd het kringetje graag klein.”
Heeft dit werk je persoonlijk veranderd?
„Ja, ik heb een veel dikkere huid gekregen. Het raakt me niet meer zo erg als iemand negatief of onjuist over mijn werk praat. Maar er is veel discriminerend gedrag. Je merkt dat bijvoorbeeld bij banken en verzekeraars, die moeilijk doen. Ik werd op een gegeven moment overal uitgebonjourd: verzekeringen, banken, noem maar op. ‘Je past niet in ons integriteitsbeleid.’ En zo had ik onlangs nog een conflict met een buurman die enorme geluidsoverlast had. Die zei toen letterlijk dat ze mij en mijn bedrijf hier niet wilden hebben. Ik ben daar gewoon tegenin gegaan. De rechter heeft mij uiteindelijk gelijk gegeven. De rechtbank is totaal niet onder de indruk van mijn beroep: ik doe niets illegaals. Bij grote instanties heb ik overigens nooit problemen. De Belastingdienst doet ook nooit moeilijk, maar goed, ik betaal ook heel veel belasting.”
Kostte het je vriendschappen?
„Ja, in het begin ben ik al mijn vrienden en vriendinnen kwijtgeraakt. ‘Jou hoeven we niet meer,’ zeiden ze. Maar twintigers zijn anders dan de mensen die ik nu om me heen heb. Ik neem het mensen ook niet kwalijk als ze een vooroordeel hebben. Als ze dat op mij botvieren, is dat geen kwade wil maar onwetendheid. Ik vind het juist prettig om het echte verhaal te vertellen, dat niet alleen maar gebaseerd is op drugs en het nachtleven.”
Wat is een vooroordeel over jou dat niet klopt?
„Dat ik slapend rijk word. Nee. Echt rijk word je hier niet van. Ik heb het goed, maar ik werk daar ook hard voor. En ja, ik vind dat vrouwen ook goed mogen verdienen.”
Is er een trend te zien in escortland?
„Wat opvalt, is dat steeds meer koppels om een extra vrouw vragen om dat eens uit te proberen. Dat was tien jaar geleden anders. Eerst zoeken ze het in hun vriendenkring, maar uiteindelijk komen ze toch bij mij terecht. Ik heb het idee dat er binnen relaties steeds meer wordt gepraat over wensen en verlangens.”